You are here

Moeilijkheden door het coronavirus

1 december 2020

Zelfstandigen die moeilijkheden ondervinden door het coronavirus, kunnen een beroep doen op verschillende maatregelen.

Callcenter Corona

Een vraag over de maatregelen voor zelfstandigen door het coronavirus? Bel gratis naar 0800 12 018 - Elke werkdag van 8.30 uur tot 12 uur en van 13 tot 17 uur (op vrijdag tot 16 uur).

Onze collega's stellen alles in het werk om je zo snel mogelijk te helpen. Raak je niet meteen binnen? Bel dan op een later tijdstip terug.

 

Overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit

Omwille van de Coronacrisis wordt de toekenning aan de zelfstandigen van het overbruggingsrecht in het kader van overmacht (3de pijler van het overbruggingsrecht) versoepelt.

Tijdens de maanden maart, april, mei en juni 2020 kan je in de volgende situaties in aanmerking komen voor het tijdelijk Corona-overbruggingsrecht:

  • omwille van de sanitaire maatregelen heeft de overheid je verplicht om je activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken. Je komt meteen in aanmerking voor de toekenning van het overbruggingsrecht. Er is dus geen minimumduur van onderbreking vereist. Het gaat hier bijvoorbeeld om zelfstandigen die hun handelszaak (zoals restaurants, cafés en niet-voedingszaken) verplicht moeten sluiten. Ook restaurants die afhaalmaaltijden verzorgen of leveren vallen hier onder.
  • de overheid heeft je niet verplicht je activiteit gedeeltelijk of volledig te onderbreken maar je ziet je wel genoodzaakt om als gevolg van de Coronacrisis je activiteit te onderbreken gedurende een periode van ten minste 7 opeenvolgende kalenderdagen. Het gaat hier bijvoorbeeld om zelfstandigen die door quarantaine, een gebrek aan grondstoffen of om verschillende redenen van economische of organisatorische aard (verbonden met COVID-19) hun activiteit onderbreken. Ook zelfstandigen die een zorgberoep uitoefenen zoals kinesisten, tandartsen en specialisten vallen hieronder.

Sinds mei 2020 mochten veel zelfstandigen opnieuw hun activiteit uitoefenen. Die zelfstandigen kunnen tijdens de maanden juni tot en met december 2020 een beroep doen op het nieuwe overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart. Wie nog niet kan heropstarten of wie opnieuw zijn activiteiten moet onderbreken, kan tijdens de maanden juli tot en met december 2020 in de volgende situaties nog steeds in aanmerking komen voor het bestaande tijdelijk Corona-overbruggingsrecht, maar onder striktere voorwaarden:

  • omwille van de sanitaire maatregelen heeft de overheid (federaal, regionaal, provinciaal of lokaal) je verplicht om je zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken. De gedeeltelijke onderbreking betreft enkel de toegestane take-away in de horeca, de toegestane click and collect voor de niet-essentiële handelszaken en het vervroegd sluitingsuur voor de nachtwinkels. Je komt meteen in aanmerking voor de toekenning van het overbruggingsrecht. Er is dus geen minimumduur van onderbreking vereist. Het gaat hier om diegenen die rechtstreeks beoogd worden door de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid, zoals bijvoorbeeld:
    • restaurants (take-away is toegelaten), bars en cafés (vanaf oktober 2020);
    • de niet-essentiële handelszaken die gedwongen moesten sluiten in november 2020 (click and collect is toegelaten);
    • de contactberoepen die gedwongen moeten sluiten (vanaf november 2020);
    • de wellnesscentra, met inbegrip van onder meer sauna's, jacuzzi's, stoomcabines en hammams;
    • discotheken en dancings;
    • de sector van evenementen in ruime zin (feesten, bedrijfsevenementen, organisatoren huwelijksfeesten, verhuurders van feest- en evenementenzalen, …);
    • zelfstandige artiesten actief in de sectoren die vallen onder de evenementen- en culturele sector;
    • foorkramers;
    • nachtwinkels;
    • shishabars;
    • ... .

Wie niet voldoet aan de voorwaarde van een volledige of gedeeltelijke onderbreking, kan een beroep doen op het overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart, als alle voorwaarden voor de toekenning van dat overbruggingsrecht vervuld zijn.

  • je bent gedwongen om je zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken omdat je hoofdzakelijk (indicatief minstens 60 % van zijn activiteiten) afhankelijk bent van een activiteit die is vermeld in het vorige punt. Je komt meteen in aanmerking voor de toekenning van het overbruggingsrecht. Er is dus geen minimumduur van onderbreking vereist. Je moet die band van afhankelijkheid aantonen;
  • enkel in de maanden juli en augustus 2020: de overheid heeft je niet verplicht je activiteit gedeeltelijk of volledig te onderbreken en je bent niet afhankelijk van zo'n activiteit, maar je ziet je wel genoodzaakt om als gevolg van de Coronacrisis je activiteit volledig te onderbreken gedurende een periode van ten minste 7 opeenvolgende kalenderdagen tijdens de betrokken kalendermaand.

    In die laatste situatie (enkel tijdens de maanden juli en augustus 2020) geldt er een striktere bewijslast. Je moet aantonen dat de onderbreking een onmiddellijk gevolg van het coronavirus is, omdat het nog steeds onmogelijk is om de zelfstandige activiteit opnieuw op te starten. Je moet dit oorzakelijk verband aantonen aan de hand van objectieve elementen, zoals een aanzienlijke daling van de inkomsten, van de activiteit (daling van de reserveringen, daling van de bezettingsgraad, stijging van het aantal annuleringen, enz.), onderbroken leveringen, een daling van de verkoop of een attest van quarantaine. Het is niet voldoende om enkel beperkingen door de regels van de social distancing in te roepen. De aanwezigheid van het oorzakelijk verband zal worden gecontroleerd, zowel voorafgaand aan de toekenning van de uitkering als achteraf.


Als je eenzelfde zelfstandige activiteit uitoefent in verschillende ondernemingen, dan moet de zelfstandige activiteit in alle ondernemingen worden onderbroken omwille van het coronavirus. Als je verschillende zelfstandige activiteiten uitoefent, dan moeten de voorwaarden vervuld zijn voor elk van die activiteiten.

Als je doorgaans enkel evenementen organiseert die nog steeds verboden zijn, dan mag je je activiteit omvormen tot bijvoorbeeld het organiseren van kleinere "events" (genre zomerbars, kleinschalige festivals, …). Dergelijke omvorming verhindert de verdere toekenning van het Corona-overbruggingsrecht niet.  

Je moet als zelfstandige sociale bijdragen verschuldigd zijn in België.

De volgende zelfstandigen komen in aanmerking voor de volledige uitkering:

  • zelfstandige in hoofdberoep (incl. helpers, meewerkende echtgenoten in het maxistatuut en (primo)starters);
  • zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • student-zelfstandige die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • zelfstandige na de pensioenleeftijd zonder pensioen of enkel met het onvoorwaardelijk pensioen die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep.

De volgende zelfstandigen komen in aanmerking voor een gedeeltelijke uitkering:

  • zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen 6.996,89 euro en 13.993,77 euro;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen 6.996,89 euro en 7.330,52 euro;
  • student-zelfstandige die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen 6.996,89 euro en 13.993,77 euro;
  • actief gepensioneerde zelfstandige die niet in aanmerking komt voor de volledige uitkering en die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen hoger dan 6.996,89 euro.

Opgelet: in tegenstelling tot sommige pijlers van het klassieke overbruggingsrecht is voor het Corona-overbruggingsrecht geen attest van de RVA vereist om te bewijzen dat je niet in aanmerking komt voor een werkloosheidsuitkering.

Het Corona-overbruggingsrecht voorziet de betaling van het volledig maandbedrag, nl.:

  • 1.291,69 EUR per maand indien je geen gezinslast hebt;
  • 1.614,10 EUR per maand indien je wel gezinslast hebt.

Voor de zelfstandigen die in aanmerking komen voor de gedeeltelijke uitkering bedraagt de uitkering:

  • 645,85 EUR per maand indien je geen gezinslast hebt;
  • 807,05 EUR per maand indien je wel gezinslast hebt.

In de maanden oktober en november 2020 wordt het bedrag van de uitkering verdubbeld voor:

  • de zelfstandigen die rechtstreeks beoogd worden door de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid (ministeriële besluiten van 18 en 28 oktober 2020 en elk ander daaropvolgend ministerieel besluit) en daardoor gedwongen worden hun zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken. De gedeeltelijke onderbreking betreft enkel de toegestane take-away in de horeca, de toegestane click and collect voor de niet-essentiële handelszaken en het vervroegd sluitingsuur voor de nachtwinkels;
  • de zelfstandigen die hoofdzakelijk afhankelijk zijn van die zelfstandigen, maar enkel op voorwaarde dat zij alle zelfstandige activiteit volledig onderbreken tijdens de periode van gedwongen onderbreking door de sluitingsmaatregelen van de overheid. Indien zij hun activiteit niet volledig onderbreken, dan komen ze sowieso in aanmerking voor de enkelvoudige uitkering.

Voor de zelfstandigen die in aanmerking komen voor de volledige uitkering bedraagt de dubbele uitkering:

  • 2.583,38 EUR/ maand indien je geen gezinslast hebt;
  • 3.228,20 EUR/ maand indien je wel gezinslast hebt.

Voor de zelfstandigen die in aanmerking komen voor de gedeeltelijke uitkering bedraagt de dubbele uitkering:

  • 1.291,69 EUR/maand indien je geen gezinslast hebt;
  • 1.614,10 EUR/maand indien je wel gezinslast hebt.

De uitkering kan onder bepaalde voorwaarden gecumuleerd worden met een ander vervangingsinkomen (pensioen, (tijdelijke) werkloosheid).

Opgelet! Voor de zelfstandigen die in aanmerking komen voor de gedeeltelijke uitkering, mag de som van die gedeeltelijke uitkering van het Corona-overbruggingsrecht en het andere vervangingsinkomen per maand niet hoger zijn dan 1.614,10 EUR. Bij overschrijding zal het maandelijkse bedrag van de uitkering van het Corona-overbruggingsrecht verminderd worden.

De uitkering van het tijdelijke Corona-overbruggingsrecht kan ook gevraagd worden door de zelfstandige die al een uitkering in het klassieke overbruggingsrecht heeft genoten voor de maximale duur van 12 of 24 maanden. De duur van de toekenning van het tijdelijke Corona-overbruggingsrecht telt ook niet mee voor de maximumduur van het klassieke overbruggingsrecht.

In geval van toekenning, zal het overbruggingsrecht voor maart worden uitbetaald begin april, voor april begin mei, voor mei begin juni, voor juni begin juli en zo verder.

Je blijft je sociale bijdragen verschuldigd, zodat je je socialezekerheidsrechten behoudt. Als je moeilijkheden ondervindt om die bijdragen te betalen, dan kan je vermindering van voorlopige bijdragen, uitstel van betaling of vrijstelling van bijdragen aanvragen.

Het overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit moet worden aangevraagd bij je socialeverzekeringsfonds, dat een aanvraagformulier ter beschikking stelt.

 

Aanvraag overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit

Om een overbruggingsuitkering bij onderbreking van de activiteit aan te vragen, stuur je het aanvraagformulier ingevuld op naar je socialeverzekeringsfonds.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Overbruggingsrecht bij quarantaine of gesloten klas/school/kinderopvang

Vanaf de maand september 2020 kunnen zelfstandigen in de volgende situaties een beroep doen op het overbruggingsrecht in geval van een gedwongen onderbreking (omwille van een gebeurtenis met economische impact):

  • de zelfstandigen die in quarantaine worden geplaatst en daardoor hun zelfstandige activiteit gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen daadwerkelijk en volledig moeten onderbreken. Zelfstandigen die hun activiteit van thuis uit kunnen organiseren, komen niet in aanmerking voor die uitkering.
    Die situatie van overmacht moet aangetoond worden aan de hand van een quarantaine-attest. Dit kan gaan om een quarantaine-attest op hun eigen naam, maar ook om een attest op naam van een persoon die op hetzelfde adres staat ingeschreven als de zelfstandige.
    Opgelet! Zelfstandigen die wetens en willens afgereisd zijn naar een land of een gebied dat zich in een rode zone bevindt op het ogenblik van vertrek, komen niet in aanmerking voor die uitkering. Zij voldoen niet aan de voorwaarde dat het moet gaan om een situatie onafhankelijk van hun wil.
    Voor de aanvragen die betrekking hebben op een quarantaine die slaat op een periode tot en met 31 augustus 2020, kunnen de zelfstandigen beroep doen op het corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit. Zelfstandigen kunnen beroep doen op dat corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit wanneer zij zich als gevolg van de Coronacrisis genoodzaakt zien om hun activiteiten volledig te onderbreken gedurende ten minste 7 opeenvolgende kalenderdagen tijdens de betrokken kalendermaand.
  • de zelfstandigen die hun zelfstandige activiteit gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen volledig moeten onderbreken omdat zij moeten instaan voor de zorg voor hun kind(eren), doordat de klas in quarantaine moet of door de sluiting van de school/ kinderopvang.
    Het moet gaan om kinderen van hoogstens 12 jaar. Indien het kind ouder is dan 12 jaar, moet er een specifieke en omstandige motivering gegeven worden waarom de ouder moet instaan voor de zorg voor het kind.
    Die situatie van overmacht moet aangetoond worden aan de hand van een bewijsstuk (beslissing van de directie van de school of beslissing van de kinderopvang).
    Voor de maand september kunnen ouders eveneens de tijdelijke ouderschapsuitkering aanvragen in dergelijke gevallen. Maar die uitkering kan niet gecumuleerd worden met de uitkering van het overbruggingsrecht.

De zelfstandige moet voldoen aan de voorwaarden van het overbruggingsrecht in geval van een gedwongen onderbreking.

Opgelet! De zelfstandige die niet voldoet aan de voorwaarde van de afwezigheid van een vervangingsinkomen of de startende zelfstandige die niet voldoet aan de voorwaarde van de verzekeringsplicht gedurende minstens 4 kwartalen en/of de voorwaarde van effectieve bijdragebetaling gedurende minstens 4 kwartalen, kan ook een aanvraag doen. In het licht van eventuele toekomstige wijzigingen van die voorwaarden zullen die aanvragen in afwachting in beraad gehouden worden door het socialeverzekeringsfonds.

Het bedrag van de uitkering is afhankelijk van de duur van de onderbreking en van het al dan niet hebben van gezinslast.

Dit overbruggingsrecht in geval van onderbreking omwille van quarantaine moet worden aangevraagd bij je socialeverzekeringsfonds, dat een aanvraagformulier ter beschikking stelt.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart

Sinds mei 2020 mochten veel zelfstandigen opnieuw hun activiteit uitoefenen. Het overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart kent in de maanden juni tot en met december 2020 een uitkering toe aan zelfstandigen die, in de eerste fase van de COVID-19-crisis, verplicht werden om hun zelfstandige activiteit te onderbreken door de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid en die toegelaten worden hun zelfstandige activiteit opnieuw op te starten. Zelfstandigen die nog niet mochten heropstarten of die opnieuw hun activiteiten moeten onderbreken door sluitingsmaatregelen van de overheid, komen in aanmerking voor het Corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit.

Je komt in aanmerking voor het overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart als je voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • je bent als zelfstandige sociale bijdragen verschuldigd in België;
  • op 3 mei 2020 was je activiteit nog verboden of beperkt door de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid. Als je actief bent in verschillende ondernemingen en/of verschillende sectoren, dan moet je hoofdactiviteit aan die voorwaarde voldoen.  
    Komen niet in aanmerking als verboden of beperkingen: de regels inzake sociale distancing voor toegelaten activiteiten, de toegangsmodaliteiten voor de grootwarenhuizen, doe-het-zelfzaken met een algemeen assortiment, tuincentra, boomkwekerijen en groothandels bestemd voor professionelen, de verboden kortingsacties in handelszaken en winkels en het sluitingsuur voor nachtwinkels. Het gaat onder meer om de volgende activiteiten (opgelet, door de nieuwe sluitingsmaatregelen van oktober en november 2020 vallen veel van die activiteiten sinds oktober of november 2020 opnieuw onder het toepassingsgebied van het Corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit):
    • de horeca;
    • de non-food detailhandel (met uitzondering van doe-het-zelfzaken, tuincentra en dagbladhandels die al eerder konden openen);
    • de markten (zowel de klassieke marktkramen als de mobiele verkopers van gebraden kippen en ijskarren en andere foodtrucks);
    • de kappers en schoonheidsspecialisten;
    • de reisbureaus met kantoor/ontvangstruimte "front office", die als een handelszaak moeten beschouwd worden (en dus niet enkel online actief zijn);
    • de autocarbedrijven die hoofdzakelijk het vervoer van personen verzorgen in het kader van recreatieve activiteiten zoals groepsuitstappen en reizen (en die dus niet hoofdzakelijk in onderaanneming voor regionale busmaatschappijen actief zijn).

Ook zelfstandigen waarvan de activiteiten tot en met minstens 3 mei 2020 dezelfde rechtstreekse en onmiddellijke impact ondervonden van de sluitingsmaatregelen zoals hierboven bedoeld, equivalent aan de sectoren die uitdrukkelijk moesten sluiten, komen in aanmerking.

  • je activiteit mag opnieuw opgestart worden, zonder andere beperkingen dan de regels inzake sociale distancing. De restaurants en drankgelegenheden waarvoor een vervroegd sluitingsuur is opgelegd, voldoen aan die voorwaarde. Zelfstandigen die beslissen om hun zelfstandige activiteit voorlopig nog niet op te starten, komen ook in aanmerking;
  • je kan aantonen dat je activiteit voor het tweede kwartaal van 2020 een omzetverlies of vermindering van bestellingen kent van minstens 10% in vergelijking met het tweede kwartaal van 2019 als gevolg van het coronavirus. Voor een aanvraag voor de maanden oktober, november en december 2020 gaat het om het derde kwartaal van 2020 in vergelijking met het derde kwartaal van 2019. Je moet bij je aanvraag objectieve elementen voegen (bij voorkeur een attest van de boekhouder) die dit Je verklaring zal achteraf worden gecontroleerd. Hou dus de nodige stavingsstukken (bijvoorbeeld BTW-raming) ter beschikking;
  • je krijgt voor dezelfde maand geen corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit. Opgelet, door de nieuwe sluitingsmaatregelen van oktober en november 2020 vallen veel activiteiten sinds oktober of november 2020 opnieuw onder het toepassingsgebied van het Corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit.

De maatregel geldt voor de maanden juni tot en met december 2020.

Enkele voorbeelden:

  • kappers mochten heropstarten vanaf 18 mei 2020 en komen in aanmerking voor de uitkering voor de maanden juni tot en met oktober 2020. Door de nieuwe sluitingsmaatregel vanaf 2 november 2020 hebben zij in november en december recht op het Corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit;
  • restaurants mochten heropstarten vanaf 8 juni 2020 en komen in aanmerking voor de uitkering voor de maanden juli, augustus en september 2020. In juni hebben zij nog recht op het corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit. In oktober, november en december 2020 is er recht op het corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit, omwille van de nieuwe sluitingsmaatregel opgelegd door de overheid;
  • activiteiten die vanaf 1 juli 2020 mogen heropstarten, komen in aanmerking voor de uitkering voor de maanden juli tot en met december 2020 (op voorwaarde dat er niet opnieuw recht is op het Corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit, omwille van de nieuwe sluitingsmaatregelen van de overheid).

De volgende zelfstandigen komen in aanmerking voor de uitkering:

  • zelfstandige in hoofdberoep (incl. helpers, meewerkende echtgenoten in het maxistatuut en (primo)starters);
  • zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • student-zelfstandige die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • zelfstandige na de pensioenleeftijd zonder pensioen of enkel met het onvoorwaardelijk pensioen die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep.

De uitkering bedraagt:

  • 1.291,69 EUR per maand indien je geen gezinslast hebt;
  • 1.614,10 EUR per maand indien je wel gezinslast hebt.

De uitkering kan gecumuleerd worden met (tijdelijke) werkloosheid. Maar je kan de uitkering niet cumuleren met het corona-overbruggingsrecht bij onderbreking van de activiteit.

De uitkering kan ook gevraagd worden door de zelfstandige die al een uitkering in het klassieke overbruggingsrecht heeft genoten voor de maximale duur van 12 of 24 maanden. De duur van de toekenning telt ook niet mee voor de maximumduur van het klassieke overbruggingsrecht.

Je blijft je sociale bijdragen verschuldigd, zodat je je socialezekerheidsrechten behoudt. Als je moeilijkheden ondervindt om die bijdragen te betalen, dan kan je vermindering van voorlopige bijdragen, uitstel van betaling of vrijstelling van bijdragen aanvragen.

Het overbruggingsrecht bij heropstart van de activiteit moet worden aangevraagd bij je socialeverzekeringsfonds, dat een aanvraagformulier ter beschikking stelt.

 

Aanvraag overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart

Om een overbruggingsuitkering ter ondersteuning van de heropstart aan te vragen, stuur je het aanvraagformulier ingevuld op naar je socialeverzekeringsfonds.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Overbruggingsrecht in andere situaties

Zelfstandigen die hun activiteit stopzetten of onderbreken, kunnen in bepaalde situaties een beroep doen op het klassieke overbruggingsrecht. De zelfstandige moet aan een aantal voorwaarden voldoen.

Het overbruggingsrecht bestaat uit een uitkering gedurende maximum 12 maanden en het behoud van de rechten op geneeskundige verzorging en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen gedurende maximum 4 kwartalen zonder bijdragebetaling.

Het overbruggingsrecht kan worden toegekend in de volgende situaties:

Het overbruggingsrecht moet worden aangevraagd bij je socialeverzekeringsfonds, dat een aanvraagformulier ter beschikking stelt.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Tijdelijke ouderschapsuitkering voor zelfstandigen 

Zelfstandigen die hun activiteiten in mei, juni, juli, augustus en/of september 2020 voortzetten of hervatten, maar die hun activiteiten moeten verminderen tijdens de volledige betrokken kalendermaand om te zorgen voor een of meerdere kinderen, hebben recht op de ouderschapsuitkering.

Die uitkering bedraagt 532,24 euro per maand. Vanaf juli 2020 bedraagt de uitkering 638,69 euro per maand voor een gehandicapt kind.

Als de zelfstandige uitsluitend samenwoont met één of meerdere kinderen van wie er minstens één fiscaal ten laste is van de aanvrager ("eenoudergezin"), bedraagt het bedrag van de uitkering 875,00 euro per maand in mei en juni 2020. Vanaf juli 2020 bedraagt het bedrag van de uitkering voor eenoudergezinnen 1.050 euro per maand.

De volgende zelfstandigen komen in aanmerking voor de ouderschapsuitkering:

  • zelfstandigen in hoofdberoep (incl. helpers, meewerkende echtgenoten in het maxistatuut en (primo)starters);
  • zelfstandigen in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd zijn die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep;
  • zelfstandigen na de pensioenleeftijd zonder pensioen of enkel met het onvoorwaardelijk pensioen, die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd zijn die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdrage van de zelfstandigen in hoofdberoep.

De zorg moet worden verleend aan:

  • het biologische kind van de aanvrager;
  • het door de aanvrager geadopteerde kind of het kind voor wie een adoptieprocedure nog loopt, vanaf de inschrijving van het kind in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister als deel uitmakend van het gezin;
  • het kind dat bij de aanvrager (pleegouder) geplaatst werd door de rechtbank of door een door de gemeenschap erkende dienst.

Het kind is hoogstens 12 jaar of, als het gehandicapt is, hoogstens 21 jaar.

Er is geen leeftijdsgrens wanneer de ouderschapsuitkering wordt gevraagd voor een kind met een handicap dat geniet van een intramurale (bijvoorbeeld dagcentrum) of extramurale dienstverlening (bijvoorbeeld hulp aan huis), of een behandeling georganiseerd of erkend door de gemeenschappen Het kan in deze gevallen dus ook gaan om volwassenen.

Onder gehandicapt kind wordt verstaan:

  • het kind dat voor ten minste 66% getroffen is door een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid;
  • het kind dat een aandoening heeft die tot gevolg heeft dat ten minste 4 punten toegekend worden in pijler I van de medisch-sociale schaal in de zin van de regelgeving betreffende de kinderbijslag;
  • het kind dat een aandoening heeft die tot gevolg heeft dat ten minste 9 punten toegekend worden in alle drie de pijlers samen van de medisch-sociale schaal in de zin van de regelgeving betreffende de kinderbijslag.

De activiteiten als zelfstandige moeten gedurende de volledige kalendermaand effectief beïnvloed worden door de zorgen die worden gegeven aan het kind of de kinderen. Enkel de maanden mei, juni, juli, augustus en september 2020 komen in aanmerking.

De ouderschapsuitkering kan niet worden toegekend aan de zelfstandige die in dezelfde kalendermaand één van de volgende uitkeringen in het stelsel van de zelfstandigen geniet:

  • het tijdelijke Corona-overbruggingsrecht;
  • het overbruggingsrecht;
  • de uitkeringen inzake arbeidsongeschiktheid en invaliditeit;
  • de uitkeringen inzake moederschap;
  • de vaderschaps- en geboorte-uitkering
  • de adoptie-uitkering;
  • de uitkering voor pleegouderverlof;
  • de uitkering mantelzorg.

De ouderschapsuitkering moet worden aangevraagd bij het socialeverzekeringsfonds, dat een aanvraagformulier ter beschikking stelt.

De ouderschapsuitkering voor de maanden mei en juni 2020 moet ten laatste op 30 september 2020 worden aangevraagd. De ouderschapsuitkering voor de maanden juli, augustus en september 2020 moet ten laatste op 31 december 2020 worden aangevraagd.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Aanvraag tijdelijke ouderschapsuitkering voor zelfstandigen indienen

Om de tijdelijke ouderschapsuitkering voor zelfstandigen aan te vragen, stuur je het aanvraagformulier ingevuld op naar je socialeverzekeringsfonds, met een e-mail of een gewone of aangetekende brief.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds

 

Uitstel van betaling

Elke zelfstandige, ongeacht zijn bijdragecategorie (hoofdberoep, bijberoep, …) die getroffen wordt door de gevolgen van het coronavirus, kan een schriftelijke aanvraag indienen bij zijn socialeverzekeringsfonds om de betaling van zijn sociale bijdragen met een jaar uit te stellen, zonder dat daarvoor verhogingen zullen aangerekend worden en zonder invloed op de uitkeringen.

De maatregel geldt voor de voorlopige bijdragen van het eerste, tweede, derde en vierde kwartaal van 2020 en voor de regularisatiebijdragen van kwartalen van 2018 die vervallen op 31 maart 2020, 30 juni 2020 30 september 2020 en 31 december 2020. Die bijdragen mogen nog niet zijn betaald.

Dat betekent dat de bijdrage van het eerste kwartaal 2020 en de regularisatiebijdragen van 2018 die vervallen op 31 maart 2020 moeten betaald worden vóór 31 maart 2021.
De bijdrage van het tweede kwartaal 2020 en de regularisatiebijdragen van 2018 die vervallen op 30 juni 2020 moeten betaald worden vóór 30 juni 2021.
De bijdrage van het derde kwartaal 2020 en de regularisatiebijdragen van 2018 die vervallen op 30 september 2020 moeten betaald worden vóór 30 september 2021.
De bijdrage van het vierde kwartaal 2020 en de regularisatiebijdragen van 2018 die vervallen op 31 december 2020 moeten betaald worden vóór 15 december 2021.

Deze aanvraag moet ingediend worden vóór 15 december 2020. 

De aanvraag moet tenminste de volgende inlichtingen bevatten:

  • naam, voornaam en woonplaats van betrokkene;
  • naam en zetel van zijn bedrijf;
  • ondernemingsnummer;
  • een motivering over de moeilijkheden die de aanvrager ondervindt door het coronavirus (minstens een duidelijke verklaring op eer).

Opgelet! Als de betrokken bijdrage niet volledig betaald is binnen de voorziene termijn, zijn er verhogingen op de betreffende kwartalen verschuldigd en zullen onrechtmachtig genoten uitkeringen worden teruggevorderd.

De zelfstandige heeft eveneens de mogelijkheid om een aanvraag vrijstelling in te dienen wanneer er een aanvraag uitstel van betaling ingediend werd.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Aanvraag uitstel van betaling naar aanleiding van het coronavirus indienen

Om een uitstel van betaling naar aanleiding van het coronavirus aan te vragen, stuur je het aanvraagformulier ingevuld op naar je socialeverzekeringsfonds.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Kwijtschelding verhogingen

Zelfstandigen die hun voorlopige sociale bijdragen van het eerste, tweede, derde en vierde kwartaal van 2020 niet voor 31 december 2020 betalen, zullen omwille van die laattijdige betaling geen verhogingen moeten betalen. Hetzelfde geldt voor de laattijdige betaling van regularisatiebijdragen die in de loop van 2020 moesten betaald zijn. Die verhogingen vallen automatisch weg. De zelfstandige moet dus geen aanvraag doen. Er zijn wel verhogingen verschuldigd als die bijdragen op 31 maart 2021 nog steeds niet betaald zijn.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Vermindering van voorlopige bijdragen

Zelfstandigen die moeilijkheden ondervinden ten gevolge van het coronavirus, kunnen een vermindering vragen van hun voorlopige sociale bijdragen voor het jaar 2020 als hun beroepsinkomsten lager liggen dan één van de wettelijke drempels.

De bijdragen kunnen verlaagd worden tot maximaal:

  • 717,18 EUR voor een zelfstandige in hoofdberoep;
  • 0 EUR voor een zelfstandige in bijberoep, indien de verwachte inkomsten lager zijn dan 1.548,18 EUR;
  • 0 EUR voor iemand die als zelfstandige actief is na zijn pensioen, indien de verwachte inkomsten lager zijn dan 3.096,37 EUR.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Vrijstelling van bijdragen

Zelfstandigen in hoofdberoep en meewerkende echtgenoten (met inbegrip van starters) die hun sociale bijdragen niet kunnen betalen, kunnen vrijstelling van bijdragen vragen.

Deze vrijstelling van betaling kan aangevraagd worden voor:

  • de voorlopige bijdragen van het eerste, tweede, derde en vierde kwartaal van 2020;
  • de regularisatiebijdragen van kwartalen van 2018 die vervallen in de loop van 2020.

Wil je een aanvraag doen voor meerdere kwartalen van 2020, dan is het aan te raden om te wachten tot je de afrekening van de bijdragen van het laatste betrokken kwartaal hebt ontvangen en dan een globale aanvraag voor alle betrokken kwartalen in te dienen. Maar opgelet, je aanvraag moet ingediend worden binnen de 12 maanden volgend op het einde van elk betrokken kwartaal.

Opgelet! Je bouwt geen pensioenrechten op voor de kwartalen waarvoor je wordt vrijgesteld. Je kunt die kwartalen later wel nog regulariseren (via een afkooppremie), om ze toch te laten meetellen voor je pensioenberekening. Hiervoor heb je vijf jaar de tijd.

Meer weten?

Kwijtschelding van verhogingen (artikel 48 ARS)

Mail naar mailbox-rek@rsvz-inasti.fgov.be.

Vrijstelling van bijdragen (DVR)

Mail naar mailbox-dvr@rsvz-inasti.fgov.be.

Of neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

 

Aanvraag vrijstelling van bijdragen naar aanleiding van het coronavirus indienen

Om een aanvraag vrijstelling van bijdragen naar aanleiding van het coronavirus in te dienen, stuur je het vereenvoudigd aanvraagformulier ingevuld op naar je socialeverzekeringsfonds. Je kunt je aanvraag ook online indienen.

Opgelet! Vroeg je je vrijstelling van bijdragen online aan? Dan meld je dit best ook aan mailbox-dvr@rsvz-inasti.fgov.be voor een snellere behandeling van je dossier.

Meer weten?

Neem contact op met je socialeverzekeringsfonds.

  

Ziekte- en arbeidsongeschiktheid

De ziektekosten van de zelfstandigen en hun familie worden terugbetaald door het ziekenfonds.

Zelfstandigen die minstens 8 dagen arbeidsongeschikt zijn hebben vanaf de eerste dag recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering van het ziekenfonds.

Van 1 maart 2020 tot het einde van het jaar krijgen de volgende arbeidsongeschikte zelfstandigen van hun ziekenfonds een aanvullende crisisuitkering, zodat het totale dagbedrag van het vervangingsinkomen wegens hun arbeidsongeschiktheid gelijk is aan het, in werkdagen uitgedrukte, maandelijkse bedrag van de financiële uitkering van het tijdelijke corona-overbruggingsrecht (49,68 EUR per dag):

  • zelfstandigen in hoofdberoep (of ermee gelijkgesteld) en meewerkende echtgenoten die ten vroegste vanaf 1 maart 2020 erkend werden als arbeidsongeschikt in de hoedanigheid van samenwonende gerechtigde voor minstens 8 kalenderdagen;
  • zelfstandigen en meewerkende echtgenoten die erkend werden als arbeidsongeschikt in de hoedanigheid van samenwonende gerechtigde en die hun activiteit, toegelaten door de adviserend arts, ten vroegste vanaf 1 maart 2020 moeten stopzetten gedurende minstens zeven opeenvolgende kalenderdagen.

Het ziekenfonds zal de aanvullende crisisuitkering uiterlijk op 1 januari 2021 betalen.

In bepaalde gevallen kan je vragen om geen sociale bijdragen te betalen tijdens de periode van ziekte ("gelijkstelling wegens ziekte").

 

Nuttige links

Meer info over het coronavirus vind je op: